Driftbuien bij kinderen
Hevige boosheid en driftbuien bij kinderen van 4 tot 12 jaar. Wat eronder zit en wat helpt, thuis en in de praktijk in Oosterwolde.
Het begint om niets. Een boterham die verkeerd is gesneden, een jas die niet aan wil. Binnen dertig seconden ligt je kind schreeuwend op de grond en is er geen contact meer mogelijk. Als je pech hebt gebeurt dat een paar keer per dag, en loop je de rest van de dag op eieren om de volgende uitbarsting te voorkomen.
Het meest vermoeiende is niet de bui zelf. Het is dat je niet weet waar hij vandaan kwam, en dus ook niet hoe je hem voorkomt.
Wat er onder een driftbui zit
Een driftbui is bijna nooit onwil. Het is een kind dat op dat moment meer voelt dan het kan verwerken. Het deel van de hersenen dat kan nadenken, praten en relativeren doet tijdens een bui even niet mee. Daarom werkt uitleggen niet, werkt straffen niet en werkt “doe eens rustig” al helemaal niet: je praat tegen een deel van je kind dat op dat moment onbereikbaar is.
Wat er wel onder zit, verschilt per kind. Vaak is het een combinatie: prikkels die zich de hele dag hebben opgestapeld, spanning die er op school niet uit mocht, onmacht om iets onder woorden te brengen, of een gevoeligheid voor drukte en verandering die anderen niet eens opmerken. De bui is de uitlaatklep, niet het probleem zelf.
Wanneer zijn driftbuien nog gewoon?
Driftbuien horen bij de ontwikkeling. Een peuter die op de grond ligt omdat de banaan gebroken is, doet precies wat bij zijn leeftijd past. Ook bij kleuters en jonge schoolkinderen zijn buien normaal, zeker in drukke periodes: een verhuizing, een nieuwe juf, een broertje of zusje erbij.
Belangrijker dan hoe vaak een bui voorkomt, is wat er na afloop gebeurt. Een kind dat na een kwartier weer bijtrekt, troost toelaat en verder gaat met spelen, reguleert zichzelf. Een kind dat na elke bui uitgeput, beschaamd of juist onverschillig achterblijft, en waar de buien maanden aanhouden of heviger worden, geeft een ander signaal af.
Driftbuien bij 4 en 5 jaar
Rond het vierde en vijfde jaar komen buien vaak nog wekelijks of zelfs dagelijks voor. Het deel van het brein dat emoties moet remmen is simpelweg nog in aanbouw. Wat in deze leeftijd het meest helpt: voorspelbaarheid bieden, overgangen aankondigen en zelf kalm blijven, hoe onhaalbaar dat soms voelt. Blijven de buien na het zesde jaar even heftig, of worden ze juist erger in plaats van minder, dan is het de moeite waard om verder te kijken.
Als je kind altijd boos lijkt
Er is een verschil tussen losse driftbuien en een grondtoon van boosheid. Een kind dat altijd boos en negatief lijkt, chagrijnig wakker wordt en overal nee op zegt, zit meestal niet vol woede maar vol spanning. Boosheid is voor kinderen de veiligste emotie om te laten zien: het voelt sterker dan verdriet en minder eng dan angst. Achter een boos kind zit daarom vaak een verdrietig, bang of overvraagd kind.
Opvallend veel kinderen zijn thuis boos en op school een engel. Dat is geen teken dat er thuis iets misgaat, eerder het omgekeerde: je kind houdt zich de hele dag in en laat pas los waar het veilig is. Bij jou dus.
Wat je als ouder kunt doen
- Co-reguleer voordat je corrigeert. Een kind in een bui heeft eerst jouw rust nodig en dan pas jouw grens. Dichtbij blijven, weinig woorden, lage stem. Het gesprek komt later.
- Zit de bui uit in plaats van hem uit te praten. Redeneren tijdens een bui giet olie op het vuur. Blijf in de buurt, houd het veilig en wacht tot de storm gaat liggen.
- Kom erop terug als het koud is. Niet vlak na de bui, maar op een rustig moment later die dag. Dan is je kind weer bereikbaar en landt wat je zegt ook echt.
- Onderzoek de dag, niet het moment. De aanleiding is zelden de oorzaak. Kijk wat er in de uren daarvoor gebeurde: school, honger, drukte, schermen, te weinig slaap. Daar zit vaak de knop waar je wel aan kunt draaien.
Wanneer therapie helpt
Niet elke driftbui heeft therapie nodig; de meeste horen gewoon bij opgroeien. Ik kijk graag mee wanneer het patroon maanden aanhoudt of heviger wordt, het hele gezin om de buien heen is gaan bewegen, school signalen afgeeft, of je merkt dat je kind er zelf ongelukkig van wordt. Ook als jouw eigen emmer vol zit, is dat een goed moment: driftbuien zijn zelden een probleem van het kind alleen.
Hoe ik werk bij driftbuien
In mijn praktijk in Oosterwolde werk ik met integratieve kindertherapie. Praten over boosheid is voor de meeste kinderen te moeilijk; spelen, tekenen en doen werken beter. Ik werk vanuit het zelfhelend en beeldend vermogen van het kind: in spel laat een kind zien wat er vanbinnen speelt, en vindt het ook zijn eigen weg om daarmee om te gaan. Ouders betrek ik er altijd bij, want jij bent thuis degene die met de buien staat.
Een traject duurt gemiddeld 5 tot 15 sessies, met na elke 5 sessies een evaluatie. Voor gezinnen in Friesland wordt de hulp meestal volledig vergoed vanuit de Jeugdwet. Hoe dat werkt lees je op tarieven en vergoeding.
Herken je dit?
Een kennismaking is vrijblijvend en kost niets. We kijken samen wat er onder de buien zit en of ik de juiste persoon ben om jullie daarbij te helpen.
Veelgestelde vragen
Driftbuien horen bij de ontwikkeling, zeker rond het vierde en vijfde jaar. Zorgelijk wordt het als ze maanden aanhouden zonder af te nemen, als je kind er na afloop niet van herstelt, of als het gezinsleven eromheen is gaan draaien.
Tijdens een driftbui is het deel van de hersenen dat kan afwegen en leren niet beschikbaar. Straf komt daardoor niet aan als les, maar wel als afwijzing. Wat wel werkt is aanwezig blijven tijdens de bui en er pas op terugkomen als iedereen weer rustig is.
Dat is een veelvoorkomend en vaak geruststellend patroon. Het betekent meestal dat je kind zich de hele dag heeft ingehouden en pas thuis, waar het veilig is, laat wat er is opgebouwd. Het zegt iets over de spanning overdag, niet over de opvoeding thuis.
Verwante onderwerpen
- Emotieregulatie bij kinderen: hoe kinderen leren omgaan met grote gevoelens
- Hoogsensitief kind: als overprikkeling onder de buien zit
- Mijn kind wil niet naar school: als de spanning zich op de schoolochtend richt
- Ouderbegeleiding: als jij handvatten wilt zonder dat je kind in therapie gaat
Direct contact
Heb je vragen of wil je overleggen?
Brenda Kaptein
06 1225 4883
brenda@optikans.nl
Praktijkadres:
Schrappinga 4
8431 RG Oosterwolde